Knipperlicht Relatie
Iedere dag wanneer ik mijn dochter naar school breng of weer haal, óf de reisjes tussendoor als ik weer zonder kind dezelfde rit in tegengestelde richting maak, kom ik ze tegen: De automobilist(e) die het misbruiken van het signalisatielampje tot een ware kunst heeft verheven.
Naast diegene die ooit rijles hebben gehad en deze vergaarde kennis op autistische wijze gebruiken om tot in de puntjes deze regels na te leven (Cat. 0), zijn er in principe 4 categorieën:
- De ‘Knipperen-is-voor-het-plebs’-gebruiker;
- De ‘Zwevende Kiezer’ of ‘Oer Hollander’;
- De ‘Luxemburger’;
- De ‘Nóg Hollandser dan de Oer’-knipperaar.
Categorie 0 is een summiere groep, maar wel eentje die het hoe en het waarom van de bestaande verplichting snappen, want dat wordt immers haarfijn uitgelegd tijdens de rijlessen.
Ik ben zo’n autist.
En ik moet u bekennen: dit was niet vanaf dag één het geval:
Na een lange tijd anti-auto te zijn geweest, kreeg ik een baan als IT consultant. Er werd van me verwacht dat ik mijn rijbewijs zou halen, anders kom je niet ver. De klanten zaten door heel Nederland verspreid en ik kan u verzekeren dat, ook al is Nederland een Fietsland bij uitstek, dit geen geweldige baan is met je stalen ros als enige vervoersoptie.
Als je de ene dag in den Helder zit en de andere dag in Maastricht, dan moet je van goeden huize komen om dat, inclusief overnachting, etenspauzes en 2×8 uur facturabel zijn, in 48 uur voor elkaar te krijgen. Het is theoretisch mogelijk, maar niet zeer wenselijk.
En nee, het O.V. was ook niet afdoende, gezien je soms echt in de meest vreemde uithoeken van het land verzeild geraakte.
De werkdruk was hoog, de afstanden waren zo lang als de dag, en de auto was groot, snel en duur. Het gevaar sloop er al gauw in dat ik met 180+ km per uur over de Nederlandse snelwegen vloog. Ook in de stromende regen vlogen mijn projectiel en mijn ego langs de slomere weggebruikers.
Dat ik het er al die jaren levend vanaf heb gebracht is een God’s wonder. En ik ben intens verre van trots op mijn stommiteiten, laat dat duidelijk zijn. Met gevaar voor eigen leven, maar erger nog: dat van een ander, stoof ik als een malle door het bestaan totdat ik een kind kreeg. Toen werd het leven anders en waardevoller. Ook egoïstische (gebrek aan) gedachten over andermans leven leek te verdwijnen. En ik begon meer te snappen van bepaalde regels die in het leven zijn geroepen.
Zo leerde ik een uitermate handig pookje kennen die, verdomd, gewoon standaard al IN de auto zat!
Het was helemaal geen dure extra optie, zoals ook velen van u nog steeds lijken te denken.
Nee! Integendeel! Hij kost he-le-maal niets extra, het zit gratis bij iedere aangeschafte auto!
Dat zou toch voor de gemiddelde Nederlander al reden genoeg moeten zijn om dit prachtige gadget tot in den treure te gaan gebruiken waarvoor het bedoeld is.
Joh. Nooit te oud om te leren, dus. Maar goed, ik dwaal af.
In het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) staat dat het aangeven van richting verplicht is. Geen optie. Dat lijken we te vergeten.
Bestuurders van een motorvoertuig, respectievelijk bromfietsers, moeten een teken met hun richtingaanwijzer geven, respectievelijk een teken met hun richtingaanwijzer of met hun arm geven, indien zij willen wegrijden, andere bestuurders van een motorvoertuig willen inhalen, de doorgaande rijbaan willen oprijden en verlaten en indien zij van rijstrook willen wisselen alsmede bij alle andere belangrijke zijdelingse verplaatsingen.
Vroegah, zo rond 1890, reden de auto’s nog heel langzaam en was het veilig genoeg om met je hand de richting aan te geven. Je stak je pootje uit, net zoals nu nog op de fiets. De karretjes hadden ook nog geen complete overdekte constructie met raampjes zoals waarin je nu jezelf afsluit van de buitenwereld.
De smoes “Ja, maar ik stak mijn hand uit” gaat dan ook niet meer op.
Rechtsaf zou eventueel nog zonder al te veel moeite kunnen, maar dat ziet geen hond. Zelfs de lange arm van de wet is niet zó lang dat ze, langs de neus van de passagier én door het raam, zichtbaar de richting aan kunnen geven.
Linksaf wordt al moeilijker omdat je van te voren dan je raampje moet open draaien, anders kom je in de knel. En voordat je er erg in hebt, ben je al door de bocht.
Nee. Hiervoor hebben ze dus die feestelijk knipperende lampjes uitgevonden, die met dat gratis pookje te bedienen zijn.
En het is van groot belang dat je op het juiste moment aan jouw gratis pookje hengst.
Want, en nou komtie, dan weet de andere weggebruiker tijdig wat jij van plan bent! Tijdig!
Even nog extra overduidelijk gerecapituleerd voor Jip & Janneke in de SUV:
Er zit een stokje in de auto die jouw lampjes laat knipperen. Moet je wel zelf doen, he.
Iedereen die jouw autootje ziet, ziet ook die lampjes! Gek, he?
En da’s super handig want, als jij nou die lampjes en dat stokje goed gebruikt, dan weten de andere mensen wat jouw plannetje is en waar jij heen wilt.
En zo krijg je minder boem én minder boze mensjes. Knap he?
Het lijkt wel iets uit een show van Hans Klok, of uit Harry Potter! Pure magie.
Dan volgt nu de uiteenzetting der categorieën:
Categorie 1, de ‘Knipperen-is-voor-het-plebs’-gebruiker:
Dit zijn vaak de weggebruikers die een BMW, Audi of Mercedes hebben.
Ik heb lang gedacht dat het in die auto’s wél zo was dat deze gratis pookjes een hele dure optie was. Immers, ik vond zelf ook pas in mijn latere auto’s deze mogelijkheid terug. (Overigens zijn er zijn ook best wel andere auto’s en bestuurders die in deze categorie kunnen vallen.)
Veelal blijkt het toch de bestuurder van dat voertuig te zijn die zich beter waant dan de rest: “Ik heb veel geld en macht en jullie regeltjes gelden niet voor mij”. Ook niet als u op de rotonde onnodig moet stoppen terwijl deze knipperlichtloze bolide de rotonde gaat verlaten.
Deze diersoort is vaak ook bekend met andere overtredingen als hardrijden, bumperkleven of belastingontduiking.
U herkent ze vaak in de zijspiegel al aan het even extra gas geven om tijdens het ritsen bij de invoegstrook tóch nog even 7 wagens in te halen en zich vervolgens tussen u en uw voorganger te proppen. Uw auto is namelijk vaak veel kleiner en goedkoper dan die van hen en vallen daarom gewoonweg niet op. Ze zien u niet.
Categorie 2, de ‘Zwevende Kiezer’ of ‘Oer Hollander’.
De Zwevende Kiezer is een automobilist die u vaak ziet bij het inhalen. Meestal duurt het even voor ze de moed bijeen hebben geschraapt om tussen de drukte in te duiken.
Deze signalist trekt alvast aan het pookje, zodat iedereen kan zien dat hij of zij vandaag nog naar de linker rijstrook wil. Ook al is er geen mogelijkheid in de komende tien minuten, “we zetten hem alvast aan”.
Zwevende Kiezers zie je ook weleens in vrachtwagens rijden. Deze hebben overigens minder moeite met het naar links gaan, door hun enorme, logge verschijning. Ze gaan uit van de intelligentie en het reactievermogen van hun medeweggebruikers. Er zit namelijk een pedaal in de auto waar u met de voet op kunt drukken, zodat uw vehikel tot stilstand kan komen. Die zit er niet voor niets! Zij laten u hem graag gebruiken.
Maar, vanwaar de term ‘Zwevende Kiezer’, hoor ik u denken?
Nou, de oorsprong van deze term wordt pas duidelijk wanneer het eerste doel is bereikt:
Op de linkerrijstrook belanden.
En dan wordt het spannend. Want dan moeten ze kiezen.
Zetten ze de signalering uit of pakken ze de tegengestelde richting?
U en ik zouden deze gewoon uitzetten, maar diep in de grijze massa van deze diersoort zit een onvermogen, een soort blokkade, om het feestelijke geknipper te stoppen. Tijdens de actie om de bimetalen tot rust te brengen, kunnen zij zich niet inhouden en duwen het pookje ijverig verder door.
Wanneer dit pookje niet meer verder kan en enige tijd de oranje feestelijkheden heeft laten razen, komen ze wederom tot eenzelfde keuze…
Uit of verder?
En dit fenomeen herhaalt zich verscheidene malen, soms zelfs tot ver na het inhalen inclusief inmiddels weer teruggekomen op de eigen rijbaan.
Dit zijn de echte ‘Oer Hollandse’ mensen die de freebie onuitputtelijk benutten. “We hebben ervoor betaald en we zullen het gebruiken ook!”
U herkent ze vaak aan de krampachtige houding achter het stuur, waarbij ze de handen op 12 uur houden en de kin proberen ertussen te plaatsen.
“Zo dícht mogelijk bij ‘het scherm’, dan zien we het goed.”
Categorie 3, de ‘Luxemburger’:
Niet te verwarren met de daadwerkelijke bewoners uit Luxemburg, hoewel het wel zijn oorsprong vindt in de automobilisten uit dat land.
Deze soort zet de clignoteur aan voor de juiste richting, vaak ook op het juiste moment.
En dat was het.
Echt.
Dat was het.
“De richtingaanwijzer staat aan en waarom zou ik dan nog verdere acties ondernemen? Hij staat toch goed zo?”
Tijdens het inhalen blijft het, veelal oranje, lampje vrolijk doorknipperen.
Na het inhalen is het weer tijd om terug te gaan naar rechts, maar er staat dan al een lampje te knipperen. Het zou zonde zijn om deze uit te zetten en een andere weer te activeren. Gedurende een behoorlijk stuk van de rit zal dit lampje dan ook niet worden uitgezet. Totdat men wellicht gek is geworden van de bijbehorende akoestische terugkoppeling in de vorm van een geklik.
In deze categorie komen ook grensoverschrijders uit Categorie 1 voor.
Mocht u met gepaste snelheid aan het inhalen zijn, kan het gebeuren dat er een automobilist uit Categorie 1 achter u aan het bumperkleven is én de linker richtingaanwijzer aan heeft c.q. zet.
Dit is NIET om aan te geven dat deze persoon eigenlijk uit Luxemburg komt, noch is het een indicatie dat deze nóg verder naar links wil. Er zit immers een berm.
Wat de persoon in kwestie wél wil aangeven, is dat zij oorspronkelijk uit Categorie 1 komen en uw inhaalmanoeuvre van 10 kilometer per uur (of hoger) bóven de maximale snelheid niet voldoende vinden.
U hoort namelijk een beetje door te rijden.
Categorie 4, de ‘Nóg Hollandser dan de Oer’-knipperaar:
Zeer bekend is de laatste categorie, omdat deze statistisch gezien steeds vaker voor lijkt te komen.
Deze soort is erg zuinig.
Het verbruik van energie in de huidige tijd moet worden beperkt. De gas- en energieprijzen staan op eenzame recordhoogten en we moeten allemaal ons steentje bijdragen aan een beter milieu.
Zo ook de chauffeurs uit Categorie 4.
Deze autorijders leveren namelijk hun bijdrage door pas op het laatste moment hun richting aan te geven.
Dit scheelt enorm in het verbruik en zo blijft de accu langer goed. Het vervangen van een accu is namelijk erg belastend voor het milieu. Niet alleen het maken van zo’n ding, maar ook het verschepen op sterk vervuilende boten is iets waar moeder aarde en haar inhabitanten niet goed mee overweg kunnen.
Het op tijd aangeven om van richting te veranderen, zoals bij een afrit van de snelweg, invoegstroken bij verkeerslichten etc., is volgens deze ‘Ons ben zûnig’-aanhangers flauwekul.
Het is beter om na te denken over de gevolgen voor de natuur.
U herkent deze soort aan het spontaan aanzetten van de flikkerende signaalverlichting, wanneer men al ruimschoots op de volgende baan is beland. In de bebouwde kom kunt u ze eenvoudig spotten bij verkeerslichten, afritjes of invoegstroken en voorsorteersituaties.
U ziet: het brede scala aan verschillende klassen automobilisten hebben verschillende, soms diepgaande relaties met hun knipperlichten.
Mocht u vandaag of morgen weer in de auto stappen, wilt u dan deze bovenstaande punten en categorieën in acht nemen en een correct en weloverwogen besluit nemen alvorens de gratis pook te misbruiken.
Bij voorbaat dank.

No Comments Yet